Fotoverhaal: de langste nacht

Tent in de sneeuw. Snapsights waterdichte camera met redscale van Fuji Superia 200.

Tent in de sneeuw. Snapsights waterdichte camera met redscale van Fuji Superia 200.

Ik ga graag met vrienden in de winter kamperen. Deze tocht begon als een normale wintertocht in Noorwegen: koud, sneeuw, fantastische vergezichten. De eerste wandeldag was prachtig, maar tegen het eind van de dag begon de wind wel flink aan te trekken. We moesten met vier man tegelijk de tent opzetten, waar dan normaal met twee man lukte. Alles dat lichter was dan, pak hem beet, een fles water, woei weg zodra je het neerlegde. Het avondeten was zwaar: het viel niet mee om een plek te vinden op onze kampeerplaats die beschut genoeg was voor een brander, laat staan voor onszelf. Het eten was koud voor we halverwege waren. Maar dat soort dingen kunnen we aan, we hebben dit vaker gedaan. Snel eten, en daarna lekker de tent in, naar bed. In de slaapzak is het lekker warm, en morgen is het vast beter.

Het was een lange, onrustige nacht. Het tentdoek klapperde de hele nacht als een zeil in een storm. Maar we waren warm en veilig, en alles was wel.

Maar de volgende ochtend was de wind nog niet gaan liggen, hij blies nog alsof hij een vloot de oceaan over moest duwen. Verder lopen was uitgesloten.De sneeuw woei een meter op, waardoor het zicht beperkt was en navigeren lastig werd. Bovendien, elke keer dat je iets uit je rugzak zou willen pakken – een snack, handschoenen, wat dan ook – liep je een serieus risico dat er dingen weg zouden waaien. Om van de wind chill nog maar te zwijgen. Alles bij elkaar was het niet onmogelijk, in geval van nood zouden we heus wel weg kunnen, maar in elke andere situatie zou het vooral heel erg naar zijn. Nou ja, misschien over een paar uur…

Dus bleven we zitten waar we zaten, en gingen alleen de tent uit voor een sanitaire trip naar de dichtstbijzijnde rots. Ook al geen pretje in een storm. Koude billen zijn tot daar aan toe, maar stuifsneeuw in je onderbroek is helemaal pet. Een van de tenten had een voorportaaltje precies groot genoeg om veilig een brander in op te zetten, dus we hadden een doorlopende aanvoer van thermosflessen warm water. We kletsten wat, we lazen wat, we aten wat. De uren gleden voorbij, en de wind bleek waaien.Het werd duidelijk dat we die dag niet meer zouden vertrekken. Nou ja. Morgen. Toch?

Helaas. Nog altijd die wind! We waren inmiddels wel uitgepraat, en blij dat we wat boeken bij ons hadden. Om toch nog wat sociaal te zijn, lazen we elkaar om beurten voor. De Noorse mythologie was wel toepasselijk. We durfden bijna niet te gaan slapen die avond, bang voor wat we de volgende ochtend zouden horen en zien.

Maar goddank! De volgende ochtend werden we wakker van de stilte. De wind was, nou ja, niet helemaal gaan liggen – maar toch genoeg voor ons om weg te kunnen. Ik ben nog nooit zo blij geweest om bij 5 graden onder nul mijn relatief warme tent uit te mogen kruipen. Ik vond het niet eens erg dat ik mijn rugzak onder een meter sneeuw uit moest graven, en mijn sneeuwschoenen, en een fles benzine…

Het gaf allemaal niets, want we waren eindelijk weer op weg, na onze 60 uur durende nacht.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s